Tineke Kok verbreedde haar blik van details naar het grotere plaatje
“Ik heb leren loslaten en mijn kracht een andere draai gegeven”
Tineke Kok is Global Supply Chain Programma Manager bij JDE Peet’s. Ze ziet dat technologie binnen een bedrijf een enorme boost kan geven, maar: “Mensen moeten wel blijven begrijpen wat er uit het systeem komt.”
Welke persoon intrigeert je dermate dat je hem of haar zou willen spreken?
Meerdere mensen boeien mij, maar één persoon die ik wel graag wat langer zou willen spreken, is Mark Rutte. Hij heeft een enorme groei doorgemaakt in zijn loopbaan. In zijn laatste termijn als minister-president werd zijn kracht om mensen te verbinden en de angel uit zaken te halen als een zwakte gezien. Hoe ga je daarmee om? Ik denk dat veel mensen in hun loopbaan herkennen dat je uitgaat van je sterkte, daarop voortbouwt en dat dat uiteindelijk je kracht wordt. Maar dat kan op termijn ook een karikatuur van jezelf worden, mensen kunnen jouw kracht immers als een negatief element gaan zien. Hoe zorg je dat je scherp blijft in wie je bent? Mark Rutte is uit die negatieve spiraal geraakt door een nieuwe functie te accepteren waarin zijn kracht, en daarmee hijzelf, weer tot zijn recht komt. Achteraf hoor je mensen over hem zeggen: “Hij was misschien wel de beste minister-president die we gehad hebben.” Dus hoe zorg je dat je sterkte ook daadwerkelijk je sterkte blijft? Daar zou ik wel een boompje met hem over op willen zetten.
Ben je daar zelf ook mee bezig in je huidige rol?
Ja. Ik ben een redelijk inhoudelijke programmanager, vind het leuk om echt in de details van de planning en de techniek te zitten. Maar op een gegeven moment moet je dat loslaten en je kracht omvormen in iets nieuws. Dat heb ik ervaren toen ik van een projectmanagementrol de stap naar programmamanager maakte. Ik ben toen uit de inhoud gegaan, maar in het begin kleefde die oude rol nog erg aan me. Mensen kenden me als Tineke van de details, van de technische kennis en dat je mij allerlei inhoudelijke vragen kon stellen. Maar dat was niet meer de bedoeling in mijn rol als programmamanager. Ik heb toen leren loslaten en mijn kracht een andere draai gegeven.
“Die oude rol van projectmanager kleefde nog aan mij. Maar je kunt niet zomaar zeggen dat mensen nu anders naar je moeten kijken”
Hoe was dat voor jou?
Tja, de details loslaten, dat vond ik best moeilijk. Maar je team moet het zelf gaan doen, je moet ze dan niet in de weg zitten. Iedereen moet zijn eigen rol vinden, dat vormt zich na verloop van tijd.
Naast je baan waar je – ook vanwege het internationale karakter – veel tijd aan besteedt, ben je in je vrije tijd zeer actief. Hoe zorg je dat je voldoende energie houdt?
Actief zijn is voor mij afleiding en geeft mij rust. Juist door naast mijn werk veel andere dingen te doen, vind ik ontspanning. Ontspanning door inspanning. Met vrienden op stap, wandelen in het bos, een museum bezoeken. Dat is voor mij de geest verzetten. Op de bank zitten werkt voor mij niet, dan blijf ik in mijn hoofd. Hoewel, soms kan ik wel een dag lezen. Heel soms dan.
Je bent nu programmamanager digitale transformatie. Wist je als kind al dat je deze (IT-) kant op wilde gaan?
Als kind wilde ik piloot worden. Ik was altijd al een bètameisje, dus dat het iets technisch ging worden, was wel duidelijk. Mijn ogen bleken niet goed genoeg en tja, dan kun je geen piloot worden. Ik ben Werktuigbouwkunde gaan studeren, maar na een halfjaar gestopt: te veel wiskunde, te weinig techniek. En die technische kant wilde ik juist op.
In de tussentijd ben ik bij een uitlaatfabrikant gaan werken, gewoon in de productielijn. Ik mocht uitlaatpijpen buigen en puntlassen. Het bedrijf was bezig om Kaizen te implementeren, de Japanse methodiek voor continu verbeteren. De mannen van de productie moesten in van die Kaizen-groepjes. Zij noemden dat “Zaiken” en vonden het vooral enorm gezeur, want verandermanagement is toch voor managers en niet voor de productievloer? Enfin, uiteindelijk zag je door al die kleine verbeterstapjes die ze maakten, dat het productieproces stukken beter ging. Toen dacht ik: hier wil ik iets mee. Door die werkervaring heb ik mijn studiekeuze laten bepalen en ben ik aan de Rijksuniversiteit Groningen op de Faculteit Economie & Bedrijfskunde de studie Productie & Logistiek gaan volgen, wat nu Supply Chain Management heet.
Hoe is het daarna verdergegaan in je loopbaan?
Mijn loopbaan is eigenlijk redelijk organisch ontstaan. Na mijn studie ben ik Demand Planner geworden bij Compaq. Op dat moment liep er een team rond dat SAP aan het implementeren was. Dat vond ik interessant, dat wilde ik ook. Ik zag toen een advertentie staan in de Intermediair om JD Edwards consultant te worden. Je kreeg dan een drieweekse opleiding in Denver. Daar had ik wel oren naar. Dus zo ben ik half IT’er en half supply chain geworden. Bij toeval ben ik zo de technologiekant van supply chain-planning ingerold en dat loopt als een rode draad door mijn loopbaan. De ene keer wat meer IT, de andere keer meer op de business georiënteerd.
Is er een specifiek moment geweest waarvan je denkt: dat heeft mijn loopbaan echt veranderd?
Ja, ik denk meerdere momenten. Ik heb zo’n zes jaar als ERP consultant gewerkt en op een gegeven moment werd dat redelijk technisch en was de stap naar programmeur een logische. Toch heb ik dat niet gedaan omdat ik de transformatie- en process-kant interessanter vond.
Ik ben uit de consulting gegaan en voor een bedrijf gaan werken. Daar ben ik Business Information Manager, Projectmanager en Customer Service Manager geweest. Op enig moment voelde dat als ‘op de winkel passen’ en dat wilde ik niet. Toen ben ik weer meer naar de techniek gegaan.
Er zitten verschillende kleine wendingen in mijn carrière, maar altijd met het idee om me te blijven ontwikkelen. Ik vind het leuk om steeds een verbeterslag te maken, een volgende stap en daarmee verwachtingen overtreffen. Voor de organisatie en voor jezelf.
“Ik vind het leuk om steeds een verbeterslag te maken en daarmee verwachtingen te overtreffen. Voor de organisatie en voor jezelf”
Je vervult nu een internationale programmamanagementrol in digitale transformatie. Wat daarbinnen heeft jouw specifieke interesse?
Wat ik echt hoop dat we voor elkaar krijgen, is een “data-driven planning”. Het gaat in mijn rol om een transformatie in de supply chain-planning; het omvat de hele keten van het voorspellen van de klantvraag (forecasting), naar productieplanning, scheduling en inkoop. Er is nu een planningssysteem, maar het is verouderd, en planners gebruiken voornamelijk op eigen inzichten en gevoel. Je kunt dit veel meer automatiseren, dus op basis van data en algoritmes, noem het AI. Dan moet het systeem dus ook veel meer gevoed worden met goede en betrouwbare informatie. Je wilt de manier van denken vastleggen in processen en data. Zo haal je de subjectiviteit uit het proces en zijn de resultaten betrouwbaarder en consistenter. Wat zijn de daadwerkelijke feiten in het proces, zodat het systeem een voorstel maakt voor de planner en hij daar uiteindelijk op kan sturen?
“Je kunt veel automatiseren vanuit data, vanuit standaardprocessen, terwijl je als mens ook waarde blijft toevoegen. Dat laatste is uitermate relevant”
Er zit nu veel buikgevoel in de processen, wat soms leidt tot onjuiste aannames. Mensen zitten met een aanname in hun hoofd van: het moet zus en zo, zo heb ik het altijd gedaan. Maar als je het doorrekent en je automatiseert het, kan het waarschijnlijk veel efficiënter.
Artificial Intelligence (AI), wat is jouw mening daarover?
Ik denk dat we daar al sinds de jaren zestig van de vorige eeuw mee bezig waren, alleen toen noemden we het statistiek.
In mijn vak denk ik vanuit de processen en vanuit supply chain-perspectief. Dan betekent AI dat je via automatisering dingen intelligent oplost. Dat hoeven geen large language models of wat dan ook te zijn. Ik denk dat vanuit mijn discipline standaard statistieken en standaard manieren van doorrekenen meer dan genoeg zijn. Een planner is ook nog gewoon een mens die moet begrijpen wat uit het systeem komt. Hoe meer AI erin zit, hoe minder mensen het snappen. Als er in de supply chain-omgeving iets misgaat, is het eerste wat mensen vragen: waarom? Waarom heb je dit geproduceerd? Waarom heb je het ingekocht? Waarom was de voorraad er niet? Als je een AI- of data-driven model hebt staan, heeft het model dat berekend. Daar gaat niemand mee akkoord, dus je moet altijd terug naar het waarom. Wat is de data erachter? Wat is de input geweest die gezorgd heeft voor deze resultaten? Dat noemden we een aantal jaar geleden een regressie-analyse.
AI gaat algemene activiteiten zeker efficiënter maken, zoals vergadernotulen, zaken opzoeken of een begin maken van een projectvoorstel – meer tekstuele zaken. Voor supply chain-planning inhoudelijk zie ik de toepassingen minder. Ik werk voor een koffiebedrijf. Wat nu enorm speelt in de koffiewereld, is de volatiliteit in de koffieprijzen en de consumentenvraag. Voorspel die maar eens. Dan heb je patronen nodig. Dingen moeten minstens drie keer gebeurd zijn op een bepaald moment. Als zo’n patroon niet bestaat, kan AI er uiteindelijk ook niets mee.
Technologische ontwikkelingen volgen elkaar steeds sneller op. Hoe kijk jij aan tegen de snelheid waarmee mensen die moeten adopteren?
We onderschatten mensen wat dat betreft. Nagenoeg iedereen heeft een pc en mobiele telefoon en werkt ermee. En ja, sommige mensen vinden het interessanter en die pakken het makkelijker op. Dat geldt ook voor alle technieken die we nu implementeren en alle transformaties waarmee we bezig zijn. Ik denk dat iedereen mee kan, zolang je ervoor zorgt dat je het behapbaar maakt. In kleine stapjes goed uitleggen hoe je het gebruikt. Ik begrijp ook niet wat er in mijn telefoon zit, maar ik kan ’m wel gebruiken. Het toepassen van die technieken is redelijk intuïtief. In transformaties werkt dat net zo.
“Transformaties gebeuren niet omdat een tool wordt geïmplementeerd. Ze gebeuren omdat mensen samenwerken, zich uitspreken en de transformatie met toewijding toe-eigenen”
Wat wil je de volgende generatie in jouw vakgebied c.q. tech-leaders meegeven?
Bedenk altijd hoe je techniek wordt toegepast. Je kunt nog zo’n mooie nieuwe tool of technologie hebben, maar welk businessprobleem wil je er uiteindelijk mee oplossen? Met welke technologie ga je echt je bedrijfsvoering verbeteren? Zorg voor een goede business case, waarmee je de investering rechtvaardigt.
Begrijp me niet verkeerd, technologie kan een enorme boost kan geven aan bijvoorbeeld je productie. Maar als we als tech-leaders niet goed kunnen ‘verkopen’ aan de business wat technologie kan brengen aan besparingen, dan vind je elkaar niet.
Kom jij veel vrouwen tegen in posities zoals jij nu vervult, in digitale transformatie?
Helaas nog niet. Ik zit ook wel in een erg technische omgeving, dat is nog best een mannendomein. We kunnen meer vrouwelijk talent in dit soort posities gebruiken. En dan niet vanwege het vrouw-zijn en dat daarmee een vinkje gezet is. Een vrouwelijke eigenschap die naar mijn mening waarde toevoegt, is dat we als vrouw veel bordjes tegelijk in de lucht kunnen houden. We overzien het grotere geheel, leggen gemakkelijk verbanden en maken connectie met elkaar. Waar mannen weleens in hun eigen functie blijven zitten om iets te ontwikkelen bijvoorbeeld, zie ik vrouwen veel meer samenwerken, netwerken en die verschillende belangen behartigen. Dat hebben bedrijven ook nodig. Dus overweeg je als vrouw een technische studie? Doen! We hebben jullie nodig.
“We kunnen wel meer vrouwelijk talent in de IT gebruiken. Een vrouw overziet het grotere geheel, legt makkelijk verbanden en maakt connectie”
Hoe zorg je dat jij de ontwikkelingen in je vak bijhoudt?
Regelmatig bezoek ik revelante congressen, zoals de grote conferenties die Gartner organiseert. Maar ook de kleinere bijeenkomsten van voor mij relevante consultancy-clubs. Horen wat er speelt, welke ontwikkelingen zij zien en wat hun visie daarop is. Dit zijn ook de momenten om je netwerk uit te breiden en je peers van andere bedrijven te ontmoeten.
Ik word ook weleens gevraagd om te spreken op congressen. Heel leuk, vooral omdat op dat soort events mensen naar je toekomen om hun verhaal of ervaring te delen. Ik ervaar dat als heel inspirerend.
Waar ben je trots op?
Een jaar geleden begonnen we aan een spannende reis: een wereldwijde transformatie van onze planningsprocessen over drie jaar, mogelijk gemaakt door de implementatie van OMP (red. Supply Chain planning software https://omp.com/) . Als Global Supply Chain Programma Manager begeleid ik dit proces. Onlangs hebben we een grote stap voorwaarts gezet – met 10% van onze wereldwijde planning community, afkomstig uit 23 verschillende landen, samen met het centrale projectteam in Utrecht – hebben we de eerste release gevalideerd en ons voorbereid op de uitrol.
Maar transformaties vinden niet plaats omdat een tool wordt geïmplementeerd. Ze gebeuren omdat mensen samenwerken, hun stem laten horen en eigenaarschap nemen over de verandering. De energie in de groep was daar een krachtige herinnering aan.
Ik ben ongelooflijk trots op het team. En dit is nog maar het begin, ik kan niet wachten om te zien wat we samen gaan bereiken!